Afgelopen zondag was het weer wasjesdraaidag. Ik heb thuis geen wasmachine, dus ik ben veroordeeld tot het draaien van was in wasserettes. De dichtstbijzijnde is op fietsafstand en nog redelijk goedkoop – het fietstochtje neem ik dan dan op de kop toe.
Erg handig is dat overigens niet. Het romantisch beeld van een bloedhete Amerikaanse wasserette met blazende fohns en een frisdrankautomaat is wat overdreven. Inderdaad, ik heb het over die Jennifer Lopez-clip waarin ze met haar haar in krulspelden (!!) een mede-wasdraaier het hoofd op hol brengt en daarnaast iedere andere kerel die een glimp van haar opvangt. Auto's maken botsingen, de aarde houdt op met draaien en mannen vallen stil als J-Lo langs huppelt. Vrouwen willen haar zijn, mannen willen haar hebben....
Uit betrouwbare bron heb ik vernomen dat J-Lo een enorme diva is en dit beeldmateriaal maakt dat ik dat wel wil geloven. Het is best een mooie vrouw, maar heus niet zo mooi dat iedere man waar ze langs loopt spontaan zijn verstand verliest. Anders had ze namelijk nooit met Marc Anthony hoeven trouwen. (En dat huwelijk is net op de klippen gelopen. Teken aan de wand...) Nee, ik weet bijna zeker dat J-Lo – en ik verdenk Mariah van hetzelfde – bij aanvang van de opnames heeft gezegd; 'Jongens, luister. Ik heb een idee. Als ik langs loop, moeten jullie gewoon allemaal kijken alsof de engel Jennifer is neergedaald, okee? Niets te maren! Je doet wat ik zeg....!!'
(Voor de liefhebber: Jennifer Lopez doet de was)
Het eigenaardige aan met letterlijk klinkende munt moeten betalen voor je was is dat je heel zuinig omspringt met je kleren. Buiten de deur wassen kost bovendien meer tijd en geld dan het thuis doen. Om dat zoveel mogelijk te beperken doe ik eens in de week de was. Beddengoed, handdoeken, sportkleren en gewone kleren zijn dan voor de hele week weer schoon. Je kunt namelijk wel twee wasjes tegelijkertijd draaien, das wel weer fijn. Toch is het iedere week weer een heel geheisa met al die vuile was en die flessen wasmiddel en verzachter – en verre van charmant. Wat ook minder charmant is zijn de opbrengsten uit de rubbers. Mijn moeder leerde mij altijd dat ik mijn zakken leeg moest maken voor ik mijn was in de wasmand deed, en nu begrijp ik pas écht waarom. Open een willekeurig rubber van een wasmachine.... of wacht, doe dat eigenlijk maar niet.
De gemiddelde buit: een handvol meegewassen pinda's, een plakplaatje, een pillende snotzakdoek, een pennendop, buitenlands geld (jammer!), talloze haarelastiekjes (een herkenbare misstap) of toegangskaartjes voor het een of ander. Ik heb zelfs een keer een nagelknipper uit de rubbers gevist. Iedereen die die wasserette bezoekt komt daar met hetzelfde doel: het losweken van lichaamssap en -geur uit textiel. Zo wereldschokkend is dat niet – de was komt er immers schoon uit. Toch probeer ik niet na te denken over welke gore viezerik er vóór mij de wasmachine gebruikt heeft. Welk bebloed snottelbelspijkerbroekje zijn melanocyten heeft achtergelaten. Wiens zurige lucht het binnenste van de machine bedwelmt. Ik ben veel te kwistig met wasverzachter. Slecht voor het milieu en vast niet bevorderlijk voor mijn kleren, maar het idee dat de geur van iemand anders' wasmiddel of – hemel verhoedde – iemand anders' was aan de mijne blijft kleven, kan ik niet verdragen.
Zondag had ik dan mijn eigen J-Lo-moment. Met twee grote boodschappentassen vol was aan mijn stuur haastte ik me tussen twee regenbuien door naar de wasserette. Op de weg er naartoe hoorde ik al getoeter van een getunede Golf – het zal eens niet – maar in de stad waar ik woon leer je snel genoeg om niet op of om te kijken als er getoeterd wordt. Ik fietste op de secundaire weg, dus maakte me sowieso geen zorgen. De Golf haalde me in op de weg naast me. Uit het bijrijdersraam stak het bovenlichaam van een man die me kushandjes, OK-handgebaren, gefluit en bewonderende leuzen toeriep. Mijn gescheurde broek, zondagmiddagstaartje en het feit dat hij mijn voorkant nog niet eens gezien had hielden hem niet tegen. Ondanks mijzelf en de hele vrijpostigheid schoot ik, licht gevleid, in de lach. Dat was fout nummer één.
De Golf gleed van de autoweg naar de secundaire. De man wilde dat ik stopte, wat ik natuurlijk niet deed. 'Hee, schoonheid, mooie dame! Wacht nou even! Laat mij die tassen voor je dragen, waar ga je naartoe? Ga je naar je vriend? Wacht nou!!' Lachend beaamde ik zijn suggestie en fietste verder. Het begon inmiddels weer zachtjes te regenen en als ik niet op zou schieten, zou ik doorweekt zijn tegen de tijd dat ik aankwam. Ergens was het aanbod om mijn was door hem te laten afleveren best verleidelijk, maar direct na deze gedachte schaamde ik me ervoor. Foei, Deirdre.... Los van de absurditeit van dat voorstel moest ik ook een beetje giechelen bij het idee. Stel dat... Hoe hebben jullie elkaar ontmoet? Nou, hij zag mijn vuile onderbroek en was verkocht! Nee. Dat moesten we maar niet doen.
Ik fietste verder. Toen ik bijna bij de wasserette was, kwam dezelfde Golf uit een zijstraat gereden. Dit keer reed hij me klem. Dezelfde bijrijder leunde uit de auto en grinnikte: 'Schoonheid, dit kan toch geen toeval meer zijn! Nu zien we elkaar alweer, dat is geen toeval, zeg nou zelf!! Je bent echt vreselijk mooi! Mag ik alsjeblieft, alsjeblieft je nummer?' Ik weigerde. (Dat was fout nummer twee; ik had hem gewoon moeten negeren en naar binnen moeten gaan.)
Wat volgde was een verbaal steekspel. 'Waarom niet?' (Waarom wel?) 'Wat is je afkomst, ben je Marokkaans? (Ik ben een wereldburger!) 'Heb je een vriend? (Uuhh...Ja!!) 'Echt waar? (Ja! Geloof je me niet?) 'Oh ja, ik geloof je zeker wel.'
Toen, lieve lezer, zei hij iets wat de inspiratie was voor deze blog. Zit u? Lees gerust verder.
'Maarreh, hoelang hebben jullie al wat? (Zes maanden!) En je vind hem echt leuk? Wat vind je het leukste aan hem? (Shit! Eeehm, hij laat me mezelf zijn!) 'Moet je daar zo lang over nadenken? Je liegt tegen me!' (Hoe dan ook, je krijgt mijn nummer niet. Ik ga naar binnen, ik word nat!) 'Neem mijn nummer dan tenminste aan.' (Nee.) 'Maar IK wil jou zoals je vriend je heeft!!!' (Dan ben je te laat.)
'Waar komt 'ie vandaan? Is het een HOLLANDER? TFFFOEOEOE!! WAAAROM? Kom hier, je krijgt m'n nummer!!' Ik draaide me om en liep naar binnen.
'Meisje, luister. Ik ga deze plek onthouden, ja? Als ik je hier weer zie met een blonde jongen, maak ik 'm direct van kant, ja? Ik maak m direct koud, want jij weet niet wat goed voor je is. Dus dat je dan niet schrikt, ik ruim 'm zo uit de weg....En dan gaan wij samen verder!!'
Zoooooo.... spijkers met koppen! U weet, lieve lezer, ik ben heel wat gewend als het om versiertrucs gaat. Je kunt het zo gek niet bedenken of ik heb het gehoord. En eerlijk is eerlijk, een originele versierzin weet ik wel te waarderen. (Fout nummer drie: je mag geen spier verrekken als zo'n zin geuit wordt door iemand die je niet wil. Lach niet, frons niet, negeer het niet. Je hoeft niets te negeren; je hebt namelijk niets gehoord.) Maar aandacht is prettig, zoals u zich kunt voorstellen, en ik loop er maar al te graag weer in. In dit specifieke geval had hij me letterlijk klem gezet, dus ik kon de situatie niet negeren. Geen haar op mijn hoofd die er aan denkt om er op in te gaan, maar het spel is leuk.
Afgezien van een volle bilpartij en mijn geslacht heb niets met J-lo gemeen. Mijn stem is niet zo ijl, ik val niet op Marc Anthony, ik ben zo'n tien centimeter langer en zo'n dertig keer armer. Maar als dit mij in de motregen met vijftien graden overkomt, dan is haar scenario ineens zo vreemd niet meer. Hoewel ik betwijfel dat de motieven van mijn bijrijder zo zuiver waren als de wasserette beloofde zou zij het misschien wél moeten aanleggen met de buurjongen. Tenslotte is ze nog altijd jenny from the block, dus op grond van een gemeenschappelijke basis zou dit wellicht haar laatste scheiding kunnen zijn.
Volgende keer ga ik ook vol opgemaakt en op hakken de was doen. Wie weet wie er dan op mijn pad komt! En als het niet werkt, kan ik me altijd nog gaan vermaken met mijn nagelknipper. Win-win...
zondag 31 juli 2011
dinsdag 5 juli 2011
Schaken
Op een dinsdagavond, na mijn spinningsessie, floepte ik nog even de plaatselijke Albert Heijn in. Ze zeggen dat je geen boodschappen moet doen als je honger hebt, maar post-sport is een perfecte tijd om boodschappen te doen. Ik ben dan namelijk te moe voor iets anders, bovendien doet een uurtje sporten wonderen voor je gezicht. En het tijdstip, na negenen, is perfect voor het opdoen van leuke contacten.
Met een muziekje in mijn oren stiefel ik door de gangpaden. Natuurlijk zorg ik er wel even voor dat de sla de koekjes aan het zicht onttrekt als ik een potentieel object in het vizier krijg. Mijn happy sweaty glow straalt sportiviteit en levenslust uit, geen suikerafhankelijkheid of vraatzucht. En op dit tijdstip doen alleen hete huisvaders, singles en studenten nog boodschappen.
Even een notie over huisvaders. Ik ben specifiek gevoelig voor de hot daddy: de huisvader met kinderen onder de vijf. (liefst jongetjes!) Deze mannen, van tussen de dertig en de veertig, flirten er schaamteloos op los. Waarom? Ze hebben toch niets te verliezen: hun trouwring werkt als hun talisman, en hun aflaat. Ze willen weten of en hoe goed ze nog in de markt liggen bij aantrekkelijke, jonge meisjes met ongerepte baarmoeders, zoals ik. Ze verkeren in een gunstig limbo: hun vaderrol vertedert en maakt ze 'ongevaarlijk', maar hun rol als jager is nog niet helemáál uitgespeeld. Dure schoenen en de rollende r van zijn kinderen geven blijk van rustige welgesteldheid. De onzekerheden van de eerste huwelijks – en carrièrejaren zijn voorbij. De studieschuld is afbetaald, de tweede woning aangekocht. Hij is relaxter, virieler, sexyer dan ooit tevoren. Leer mij de hete pappa kennen. Woef, woef.
Mevrouw hot daddy is vaak net zo heet. Een jonge moeder, met iets méér moeite terug in vorm gekomen na de tweede zwangerschap ('en dit is de laatste, hoor schat!') met vlotte kleren en dito kapsel. Haar eerste grijs wordt maandelijks in streepjes bruin of blond geverfd. Zij is sportief, laat Bailey de bruine labrador graag uit en gaat op zaterdagmorgen joggen, maar nooit zonder mascara of bronzing powder. De plastic sieraden uit haar jeugd heeft ze vaarwel gezegd: subtiel goud en zilver, eventueel met kleine steentjes, decoreert haar gebruinde lichaam. Een armband voor ieder kind, een ring als aandenken aan iedere vakantie. Haar enkels zijn permanent Eilat-, Tenerife-, of Ibizabruin en het wit dat haar irissen omrandt lijkt witter dan het oogwit van ieder ander. Zij bezit geen onderbroeken, alleen maar hipsters, slipjes en strings. De biceps kondigen zich aan ter preventieve vervanging van de kipfilet. Ze is oprecht gelukkig en draagt haar trouwring, haar titel en haar kinderen met trots. Leer mij de hete moeder kennen. Woef.
In de hoop ooit zelf een hete mama te worden, struin ik langs het voorverpakt-voedsel-schap. Mijn ogen zoeken niet naar zompige bami of voorgekookte stamppot, maakt u zich geen zorgen. De enkels heb ik al, maar ik zit nog in de plasticfase. Het is rustig vandaag. Als ik uiteindelijk via het saus-en-frituurvetpad naar de kassa ga, zie ik een man van middelbare leeftijd. Niet het omkijken waard, ware het niet dat hij om de drie stappen een paardensprongstap doet: één recht, één schuin. Na een halve minuut kijken is het me duidelijk; deze kerel heeft overduidelijk een dwangneurose. Wat een hel moet boodschappen doen zijn als je aan zoiets lijdt! Hij vermijdt de lijnen die de tegels afbakenen en is zeer geconcentreerd in zichzelf aan het mompelen. Ik kijk iets te opvallend en hij kijkt me fel aan – ik loop snel verder. Hier valt toch niets te halen voor me.
Bij de kassa zie ik een hot daddy. En een mededingster. Een blond meisje met krullen (pfffieeuw!) buigt zich over een anderhalfjarige peuter met dezelfde haarstructuur. (Of misschien is hij iets ouder, want hij ligt nog niet in bed.) Zijn vader buigt zich vooral over haar voorgevel en over de vraag, wat hij nog meer kan zeggen om haar aandacht te trekken. Een vertederend, herkenbaar en vermakelijk gezicht, Dit klinkt wel wat gemeen, lieve lezer, maar u weet dat als ik kon, ik mij gewillig zou laten gebruiken om 'het kind te vertroetelen'.
Is mijn adoratie voor het kind dan niet oprecht? Natuurlijk wel! Ik heb al eerder gezegd: zo'n klein mannetje maakt iets in me los. En pappa's, die ruiken dat. De geur van moedermelk far too early in the making, flinterdunne druppels oxytocine, geef het de naam die het hebben moet. Ik wil niets liever dan zo'n kleuter optillen en tegen me aandrukken alsof het mijn eigen kind was. Maar dat kan niet – het is niet mijn kind. Het is zelfs een vreemd kind en zijn vader staat erbij. Gelukkig staat zijn vader erbij, dan kan ik mijn adoratie op hem richten. De helft van de genen van dat begeerlijke zwitsalkind komt immers van hem. Is het niet vreselijk faul dat ik zo'n hot daddy alle kans biedt zijn ogen eens goed de kost te geven en zich te vergastten op mijn voluptueuze lijf, blikkerende tanden en volrode lippen? Ik kan het niet helpen, lieve lezer, waarlijk. Geloof me als ik zeg dat de blos die mijn wangen kleurt er een is van anticipatie, milde schaamte en onvoorwaardelijke liefde. Ik bedoel er niets mee, heus. Ik zou niet durven, bovendien zou daarmee de onschuld van ons gekir afglijden. En dat hoeft niet.
De caissière strijkt het haar uit haar gezicht met een stompe vingernagel. Typisch, alleen bij caissières is het contrast tussen vingers zo groot. Bij de zaterdaghulpen en de ochtendshift van herintredende huismoeders zie ik afgebladderde stompjes van nagelbijtsters, die zich niet van bewust zijn van wat ze nog meer eten op het moment dat hun stompe vinger hun overbeet bereikt en hun tanden het nagelbed afgrazen, op zoek naar eelt. Bij de andere zaterdaghulpen zie ik keurige, te lange acrylnagels met gouden of blauwe randjes, glitter, een enkele nagelpiercing. Zij zijn vervelend als je haast hebt en goed om bij in de rij te staan als je fruit hebt – ze pakken het omzichtig vast en leggen het voorzichtig neer. Mijn perziken zijn helaas een ander lot beschoren. Dame, als ik perzikensap had gewild, had ik dáár wel een pak van gekocht. Da's namelijk veel goedkoper. Maar dat is dan ook appelsap met een klein klein beetje perzikester. Maar dat interesseert jou natuurlijk niet. Bonuskaart? Tuurlijk. Airmiles zit aan de andere kant ja. Was je 'm bijna vergeten joh? Kan gebeuren, hoor. Werk-ze nog even, hoor. Doei!
Als ik langs de hot daddy loop, kijkt het kind me na. Ik wissel een blik van vertedering uit met het krullenmeisje. Net als de vader iets tegen mij wil zeggen over de rug van het kind, geeft de OCD-lijder een brul. De kleuter is verward, zijn ogen staan op schotels. Hij valt stil. We lachen alle drie, de pappa iets harder dan wij. Hij laat zijn zoon naar me zwaaien en het is goed dat ik honger heb en een beetje stink, anders was ik nog even blijven staan. Maar ik moet naar mijn hot shower en zij moeten naar hun hot mama. Mijn tijd komt nog wel. En als het een meisje wordt, heb ik des te meer lol.
Met een muziekje in mijn oren stiefel ik door de gangpaden. Natuurlijk zorg ik er wel even voor dat de sla de koekjes aan het zicht onttrekt als ik een potentieel object in het vizier krijg. Mijn happy sweaty glow straalt sportiviteit en levenslust uit, geen suikerafhankelijkheid of vraatzucht. En op dit tijdstip doen alleen hete huisvaders, singles en studenten nog boodschappen.
Even een notie over huisvaders. Ik ben specifiek gevoelig voor de hot daddy: de huisvader met kinderen onder de vijf. (liefst jongetjes!) Deze mannen, van tussen de dertig en de veertig, flirten er schaamteloos op los. Waarom? Ze hebben toch niets te verliezen: hun trouwring werkt als hun talisman, en hun aflaat. Ze willen weten of en hoe goed ze nog in de markt liggen bij aantrekkelijke, jonge meisjes met ongerepte baarmoeders, zoals ik. Ze verkeren in een gunstig limbo: hun vaderrol vertedert en maakt ze 'ongevaarlijk', maar hun rol als jager is nog niet helemáál uitgespeeld. Dure schoenen en de rollende r van zijn kinderen geven blijk van rustige welgesteldheid. De onzekerheden van de eerste huwelijks – en carrièrejaren zijn voorbij. De studieschuld is afbetaald, de tweede woning aangekocht. Hij is relaxter, virieler, sexyer dan ooit tevoren. Leer mij de hete pappa kennen. Woef, woef.
Mevrouw hot daddy is vaak net zo heet. Een jonge moeder, met iets méér moeite terug in vorm gekomen na de tweede zwangerschap ('en dit is de laatste, hoor schat!') met vlotte kleren en dito kapsel. Haar eerste grijs wordt maandelijks in streepjes bruin of blond geverfd. Zij is sportief, laat Bailey de bruine labrador graag uit en gaat op zaterdagmorgen joggen, maar nooit zonder mascara of bronzing powder. De plastic sieraden uit haar jeugd heeft ze vaarwel gezegd: subtiel goud en zilver, eventueel met kleine steentjes, decoreert haar gebruinde lichaam. Een armband voor ieder kind, een ring als aandenken aan iedere vakantie. Haar enkels zijn permanent Eilat-, Tenerife-, of Ibizabruin en het wit dat haar irissen omrandt lijkt witter dan het oogwit van ieder ander. Zij bezit geen onderbroeken, alleen maar hipsters, slipjes en strings. De biceps kondigen zich aan ter preventieve vervanging van de kipfilet. Ze is oprecht gelukkig en draagt haar trouwring, haar titel en haar kinderen met trots. Leer mij de hete moeder kennen. Woef.
In de hoop ooit zelf een hete mama te worden, struin ik langs het voorverpakt-voedsel-schap. Mijn ogen zoeken niet naar zompige bami of voorgekookte stamppot, maakt u zich geen zorgen. De enkels heb ik al, maar ik zit nog in de plasticfase. Het is rustig vandaag. Als ik uiteindelijk via het saus-en-frituurvetpad naar de kassa ga, zie ik een man van middelbare leeftijd. Niet het omkijken waard, ware het niet dat hij om de drie stappen een paardensprongstap doet: één recht, één schuin. Na een halve minuut kijken is het me duidelijk; deze kerel heeft overduidelijk een dwangneurose. Wat een hel moet boodschappen doen zijn als je aan zoiets lijdt! Hij vermijdt de lijnen die de tegels afbakenen en is zeer geconcentreerd in zichzelf aan het mompelen. Ik kijk iets te opvallend en hij kijkt me fel aan – ik loop snel verder. Hier valt toch niets te halen voor me.
Bij de kassa zie ik een hot daddy. En een mededingster. Een blond meisje met krullen (pfffieeuw!) buigt zich over een anderhalfjarige peuter met dezelfde haarstructuur. (Of misschien is hij iets ouder, want hij ligt nog niet in bed.) Zijn vader buigt zich vooral over haar voorgevel en over de vraag, wat hij nog meer kan zeggen om haar aandacht te trekken. Een vertederend, herkenbaar en vermakelijk gezicht, Dit klinkt wel wat gemeen, lieve lezer, maar u weet dat als ik kon, ik mij gewillig zou laten gebruiken om 'het kind te vertroetelen'.
Is mijn adoratie voor het kind dan niet oprecht? Natuurlijk wel! Ik heb al eerder gezegd: zo'n klein mannetje maakt iets in me los. En pappa's, die ruiken dat. De geur van moedermelk far too early in the making, flinterdunne druppels oxytocine, geef het de naam die het hebben moet. Ik wil niets liever dan zo'n kleuter optillen en tegen me aandrukken alsof het mijn eigen kind was. Maar dat kan niet – het is niet mijn kind. Het is zelfs een vreemd kind en zijn vader staat erbij. Gelukkig staat zijn vader erbij, dan kan ik mijn adoratie op hem richten. De helft van de genen van dat begeerlijke zwitsalkind komt immers van hem. Is het niet vreselijk faul dat ik zo'n hot daddy alle kans biedt zijn ogen eens goed de kost te geven en zich te vergastten op mijn voluptueuze lijf, blikkerende tanden en volrode lippen? Ik kan het niet helpen, lieve lezer, waarlijk. Geloof me als ik zeg dat de blos die mijn wangen kleurt er een is van anticipatie, milde schaamte en onvoorwaardelijke liefde. Ik bedoel er niets mee, heus. Ik zou niet durven, bovendien zou daarmee de onschuld van ons gekir afglijden. En dat hoeft niet.
De caissière strijkt het haar uit haar gezicht met een stompe vingernagel. Typisch, alleen bij caissières is het contrast tussen vingers zo groot. Bij de zaterdaghulpen en de ochtendshift van herintredende huismoeders zie ik afgebladderde stompjes van nagelbijtsters, die zich niet van bewust zijn van wat ze nog meer eten op het moment dat hun stompe vinger hun overbeet bereikt en hun tanden het nagelbed afgrazen, op zoek naar eelt. Bij de andere zaterdaghulpen zie ik keurige, te lange acrylnagels met gouden of blauwe randjes, glitter, een enkele nagelpiercing. Zij zijn vervelend als je haast hebt en goed om bij in de rij te staan als je fruit hebt – ze pakken het omzichtig vast en leggen het voorzichtig neer. Mijn perziken zijn helaas een ander lot beschoren. Dame, als ik perzikensap had gewild, had ik dáár wel een pak van gekocht. Da's namelijk veel goedkoper. Maar dat is dan ook appelsap met een klein klein beetje perzikester. Maar dat interesseert jou natuurlijk niet. Bonuskaart? Tuurlijk. Airmiles zit aan de andere kant ja. Was je 'm bijna vergeten joh? Kan gebeuren, hoor. Werk-ze nog even, hoor. Doei!
Als ik langs de hot daddy loop, kijkt het kind me na. Ik wissel een blik van vertedering uit met het krullenmeisje. Net als de vader iets tegen mij wil zeggen over de rug van het kind, geeft de OCD-lijder een brul. De kleuter is verward, zijn ogen staan op schotels. Hij valt stil. We lachen alle drie, de pappa iets harder dan wij. Hij laat zijn zoon naar me zwaaien en het is goed dat ik honger heb en een beetje stink, anders was ik nog even blijven staan. Maar ik moet naar mijn hot shower en zij moeten naar hun hot mama. Mijn tijd komt nog wel. En als het een meisje wordt, heb ik des te meer lol.
Abonneren op:
Posts (Atom)