Valse zekerheid. Kuuroord en vluchtheuvel voor veel vrouwen. Omdat ik het belangrijk vind mijn stukje luchtig en vooral non-discrimi te houden, zal ik niet zeggen dat het vaak vrouwen zijn die zich wentelen in valse zekerheden. Niemand heeft namelijk zekerheden, of je nou man, vrouw, jong of oud bent. Maar aangezien ook dat discrimi is, zal ik ook dat niet nog eens zeggen.
Als ik kijk naar mijzelf, om de zaak veilig te houden, had ik nooit gedacht dat ik single, kinderloos of koophuisloos zou zijn op de leeftijd die ik nu heb. En met 'nooit' bedoel ik: toen ik zes was, had ik me mijn toekomst nooit zo voorgesteld. Natuurlijk, toen ik zes was vergde twentysomething zo'n stuk van mijn toen al rijke voorstellingsvermogen dat ik mijn crematie bijkans al gepland had. Mijn voorstelling was simpel: als je achttien bent ben je volwassen. Dan ga je dus werken, heel veel en lang en vaak. Dan heb je opeens een paar kinderen, daar zorg je voor, en dan heb je opeens grijs haar en kraakbotten – ergo: je bent een oma – en dan sterf je. Simpel en duidelijk.
Op mijn zesde waren mijn vriendschappen met jongetjes nog zo ongecompliceerd dat ik me niet eens stoorde aan de gefluisterd geïmpliceerde romance tussen mij en Tim A., met wie ik graag winkeltje speelde. Hij had een echt winkeltje en een hele lieve ma bij wie ik achterop de fiets mocht als ik bij hem ging spelen. Ik mocht mijn benen dan in de fietstassen doen, wat ik heel spannend vond. Ik had een zwak voor hem, als een oprecht, hoffelijk en loyaal vriendje.
Iets anders gold voor Cas G., een jongetje bij wie ik al sinds groep twee in de klas zat. Hij zat regelmatig bij Sesamstraat als voorleeskind en hij had een paars plastic bakje voor zijn Liga. Ik wist zeker dat als ik het gevraagd had, ik zijn bakje had mogen lenen, want Cas met het zilveren haar was een goede jongen. Het was geen kwestie van intrige, amour fou, of zelfs maar de lichtste verliefdheid. Ik had hem gewoon uitgekozen als levenspartner voor later.
Cas was een celebrity. Zijn haar was dik en zilverachtig blond en hij had een heel schattig zusje dat als twee druppels water op hem leek. Zijn ouders waren het enige stel uit mijn klas dat gescheiden was, wat hem sowieso al interessant maakte. En ik vond het heel logisch dat Cas en ik later zouden trouwen, al had ik nooit bij hem gespeeld en was hij eigenlijk meer geïnteresseerd in Jip, met wie ik gelukkig ook heel goed op kon schieten.
Toen ik vorig jaar een bijbaantje had als donateurwerver, zag ik hem weer, voor het eerst in zo'n vijftien jaar. Zijn haar was nog altijd van zilver, hij was net zo lang als zijn vader en zijn stem was vier octaven lager. Ik heb hem maar niet verteld dat ik ooit zeker wist dat wij drie zilverharige kinderen op de wereld zouden zetten.
Want dat was waar ik achter kwam in de jaren tussen groep drie en nu: de zekerheden van toen gelden niet meer en hebben eigenlijk nooit bestaan. Niet in de liefde, en ook niet daarbuiten. Noem het naïef, maar zoals ik altijd dacht dat dingen als het hebben van een relatie, content zijn met jezelf of het hebben van een baan vanzelf gingen, zo koud is de kermis. Ik zou niet durven beweren dat ik dat niet aan kan – integendeel! – maar af en toe verrast het me nog.
Ik dacht altijd dat een goede opleiding hebben 'garantie' gaf op een baan. Ik dacht altijd dat aantrekkelijk zijn een 'garantie' was voor een gelukkige relatie. Ik dacht altijd dat als ik me beleefd en eerlijk opstelde naar de wereld, ik diezelfde houding terug zou krijgen. Ik dacht altijd dat hard werken beloond werd. Ik dacht dat iedereen een eerlijke en oprechte kern had. Ik dacht zoveel...
Natuurlijk, veel van die aannames zijn kinderlijk en daarom is het nuttig geweest om op te groeien. Ik vraag me af – en niet voor het eerst – of ik inderdaad teveel jeugdromans heb gelezen, die me hebben laten geloven in een allesomvattend happy end, in vrijwel alle situaties.
Kan je jeugd te onbezonnen zijn? Ik was wel eens ongelukkig en tussen mijn twaalfde en mijn twintigste zelfs achteraf zelfverklaard depressief. Maar dat kwam mede omdat veel van wat ik altijd juist gedacht had, haaks stond op wat ik meemaakte en zag. En ik er niet genoeg ervaring mee had om er goed mee om te kunnen gaan.
Wat heeft deze persoonlijke mijmering over kommer en kwel van voorbije tijden te maken met valse zekerheden? Welnu! Laten we het over de liefde hebben.
Een van de wat meer vrouwelijke valse zekerheden is het idee dat slimme mannen lelijker mogen zijn. Of beter gezegd: dat knappe mannen dom zijn. Ofwel: dat je zou moeten kiezen tussen uiterlijk en innerlijk. Een aanname in dezelfde straat is dat als je je afgeeft met een TOVTJAP (Te Oud voor Vriendje, Te Jong Als Pappa) dat dan automatisch een polished-TJAP is. Die jou status verleent, of wijsheid, of materiële welvaart. Iets waarvan je denkt dat je het bij een jonger persoon niet kunt krijgen. Ofwel: iets waarvan je vindt dat een oudere man het zou moeten bezitten, omdat hij ouder is.
Fout gedacht. Ook de TOVTJAP kan scrawny en blut zijn, en ook van de TOVTJAP kun je weer scheiden. Er is geen garantie op een happy ending, nergens, nooit.
Aansluitend kun je de vraag over mister right versus mister right now dus ook beantwoorden met hetzelfde antwoord: wie je ook kiest, zicht op de toekomst heb je niet. Ook mister right now kan over een maand, een jaar of zeven jaar niet meer mister right zijn, of het juist wél worden. Hetzelfde geldt voor downdaten en alleenblijfangst: de bouwvakker die met de academica date, staat niet om die reden bij haar in het krijt. Dat wil overigens evenmin zeggen dat het niet goed zou hoeven gaan. Maar kiezen voor een compensatiepartner ('hij is zeventig, maar rijk/ hij is lelijk, maar aardig/hij slaat mij, maar is een goede vader') terwijl je rekent op de compensatie gaat vaak mis.
Ik zal het uitleggen. Stel, je kiest ervoor om een gezin op te bouwen met iemand die jij niet heel knap vindt, maar die wel heel lief is. (ja hoor, de boot is al vertrokken!) Dat wist je al vanaf het moment dat je hem zag, want iemand die lelijk is, is vast lief. Dat moet bijna wel. Na twee kinderen, wat reisjes, een grote hypotheek en een paar bovengemiddelde en een paar magere jaren kom je er achter dat hij je bedriegt met een stoot van een collega.
Je scheldt hem uit: ondankbare hond! Naast dat hij namelijk lelijk is – en ik gebruik deze term in al haar relativiteit, want per slot van rekening gaat het in een relatie om meer dan uiterlijk, bla, bla, bla – is hij ook nog eens niet lief! Je voelt je verraden, want hij heeft zich niet aan zijn deel van de afspraak gehouden, de afspraak waar hij geen weet van had maar die jij desondanks met hem gemaakt hebt. Je dacht dat 'de macht' bij jou lag, maar niets is minder waar. Als hoorns melkbekers waren, kreeg jij zes paar om te stapelen.
Kortom: als je (denkt dat je) downdate – in beide opzichten – en je dat doet om je een beter gevoel over jezelf te krijgen, denk dan nog een rondje. Arrogantie bijt in beide billen. Het idee dat de relatie zal slagen omdat jij jezelf het beste vind wat hem is overkomen en je denkt dat je daarom 'veilig' bent, is een waanidee. Valse zekerheid, en vooral: valse offers.
En zo komen we vanzelf bij de TOVTJAP, want ook dat is vaak een downdate, al zie je het niet zo. Je denkt dat je je beste jaren opoffert voor comfort en onvoorwaardelijke liefde; niets is minder waar. Het sociale stigma dat op het hebben van een man die dertig jaar ouder is ligt, is nog altijd groot. Je bijt door de zure appel heen, in de hoop op uitdaging en genoegdoening. Niets hiervan is je deel, méér dan dat het zou kunnen zijn bij een man van je eigen leeftijd. Je hoeft je niet te schikken, althans niet in de voorwaardelijke hoop op wat dan ook, want de belofte is eenzijdig.
Wat is nou de moraal van dit verhaal? Hoewel de mindset van een zesjarige niet altijd even vruchtbaar blijkt, kun je haar in de liefde net zo goed toepassen, want ze zal niet per se minder of meer opleveren dan de valse-offer-mindset of de richt-hoger-mindset. Met andere woorden: er is geen moraal, noch een lijn of een advies, en vooral: geen p(e)i(j)l. Date down, date up, doe het eens met een TOVTJAP, trouw met een winkelier. Als het idee van zekerheid je zelfvertrouwen geeft, is het een zeepbel die je kunt bewonderen in ijle lucht. Ach, heerlijke quasi-poezie. Goed genoeg voor een zesjarige. Wie wil het verhaaltje uitblazen?
zondag 18 maart 2012
dinsdag 13 maart 2012
Tijd
Wat wil een man van richting vijftig van een vrouw richting dertig? Voor u een vraag, voor mij ook, al heb ik enig vermoeden. Afgelopen donderdag liep ik met de pipa langs de V&D toen er een wat wolfachtige TOVTJAP naar me staarde. Ik weet, als je de adolescentiegrens gepasseerd bent is iedere man die naast je loopt je vriend, al is het je vader. De wolfman in kwestie liet zich door de aanwezigheid van mijn vader echter niet uit het veld slaan en verdraaide voor zover ik het kon zien zelfs zijn nek toen hij me nakeek – dat laatste is een gissing, want ik verdraaide de mijne natuurlijk niet.
Ik barstte in lachen uit om zoveel onbeschaamdheid, temeer omdat de man zo afgeragd was dat ik me niet kon voorstellen dat hij echt dacht dat ik in hem geïnteresseerd zou kunnen zijn. Mijn vader merkte op dat hij de man wel wat te oud voor me vond, wat ik met hem eens was, en in vergelijking met de rest van zijn verschijning was zijn leeftijd nog de minste van zijn problemen.
Het was je reinste TOVTJAP, Te Oud voor Vriendje, Te Jong Als Pappa. Hij had zijn droge, grijze haar, dat quasi-jong tot op zijn schouders viel, naar achter gekamd en ik zag schedel schemeren door de bovenkant van die dunner wordende mat. Zijn gezicht was opvallend roodbruin, als in imitatie van de gezonde teint van bergbeklimmers en skileraren. In dit geval vermoedde ik mantanning en mild drankmisbruik. Zijn lichaam – hij was van gemiddelde lengte – bezat al de karikaturale tweedeling van buik en benen die mannen krijgen als ze ouder worden. Eerst de benen, dun als stokjes, gehuld in een te jong gesneden spijkerbroek (slijtplekken, gebleekt, scheuren) en cowboylaarzen. (Het zal eens niet...) Dan het bovenlichaam, waarvan de pectorale delen ofwel uit elkaar wijken, of invallen. Deze man was een wijker, en hij had een klein hardnekkig buikje boven de heupen van een zevenjarige. Hoe ik dat zag? Zijn overhemd stond te ver open. Waarom? Voor de man cleavage natuurlijk.
Je hebt TOVTJAPS en je hebt TOVTJAPS. Sommige TOVTJAPS zijn ook pappa's, en spelen hun kinderen genadeloos uit in de strijd om aandacht. (Hier hebben we het al eens over gehad, mocht u het terug willen lezen.) Vaak is die roep om aandacht 'onschuldig', dat wil zeggen: niet gericht op harde actie van de jongere vrouwelijke partij in kwestie. Vaker is die roep schuldig, doelgericht, intens vilein en temerig als een scheet in gezelschap: als je 'm in vol ornaat ruikt, weet je niet wat je overkomt, maar zit je er al te diep in om er nog iets aan te kunnen doen.
Net zoals je in kroegen eerder wordt aangesproken door mannen die er uit zien alsof ze niets te verliezen hebben behalve hun maagdelijkheid of die etter uit de steenpuist in hun nek, wagen de meeste TOVTJAPS het er gewoon op. Ze zijn niet vreselijk kieskeurig in hun kruistocht: een nieuwsgierig, willig deerntje, al dan niet 'van niveau', is snel gevonden. Want zeg nou zelf: de aandacht van een oudere man waarvan je denkt en vooral hoopt dat hij gedistingeerd is, vleit het ergens nog immer onzekere meisjesbrein. Of je wil of niet, het pappa-eske in zo'n man voelt vertrouwd, als hij een paar van de juiste zinnen zegt. Zinnen waar woorden als 'vertrouwen', 'niveau' 'goede gesprekken' en 'begrip' in voorkomen.
Laat ik de quasi-Freudiaanse analyse laten voor wat hij is. Het 'slachtoffer' van deze sociale bedriegerij ziet de nadenkende blik van de TOVTJAP aan voor slimheid; hij is vooral bijziend. Ze vindt zijn verweerde handen gevoelig en weerbarstig mooi, hij zit in het voorstadium van jicht. Ze vindt zijn lange pauzes in hun gesprekken chic, hij zoekt naar adem en naar woorden die passen bij haar vocabulaire. Zij vindt de groeven in zijn spitting image- gezicht karakteristiek: wat ze vooral uitdrukken is zonschade en slechte verzorging.
Maar er is hoop. Ik schets een beeld van de groezelige TOVTJAP; er zijn ook uberpolished TOVTJAPs. Hout-Brox, maat- en merkoverhemden, lange jassen van soepele merinowol, Clarks en de subtiele geur van Boss Bottled verdrijven de vijftigerslucht van lijf en teveel dure espresso. Deze TOVTJAP stelt zijn materiële welvaart in dienst van zichzelf en zijn date: hij neemt haar mee uit eten en verblindt haar met zoveel diamanten en vakanties in de zon dat ze zijn wat aftandse lijf en grijzende slapen niet meer ziet. Zijn buikje verdwijnt in dure maatpakken en hij heeft met zichzelf de ultieme businessdeal gesloten: zolang de zon schijnt, blijven zijn kleren aan. Zo'n maatschappelijk geslaagde man biedt zekerheid, veiligheid, rustige liefde en comfortabele welvaart. Ook hij wil graag een aantrekkelijke vrouw van niveau (daar issie dan!) aan zijn zijde, om mee te pronken en mee te converseren. Liefst niet té jong: hij zoekt geen trophy-wife, maar een levend, prachtig schilderij om zich aan te laven en eventueel een kind mee te krijgen. Anders dan de groezelTJAP heeft deze man klasse en heilig respect voor mooie, slimme vrouwen. Zijn verleidingskunsten zijn geraffineerd en zijn geduld eindeloos: het zijn strategen met een feilloze planning.
En 's avonds, 's avonds is alles mogelijk. Onder de betovering van kaarslicht, haardvuur en goede wijn kan álles. Zo bezwerend en magisch als de avond echter is, zo nuchter is de morgen: de luchten, de zuchten, de wijn-met-kaas-en-ongepoetste tanden-adem, bewerkt door bacteriën van minstens veertig jaar oud. De schonkige billen, klein en verschrompeld als een oude appel. Het lichaam, de strakgespannen buik en de knieën op trek. Het rochelen in de badkamer, de lange stoelgang. De vergeelde teennagels. De vage zweem van sigaar en de slecht werkende sluitspier die sputtert als de Etna in een aardverschuiving.
Om over de conversatie nog maar te zwijgen. TOVTJAPs zijn geen ochtendmensen, want 's ochtends zijn het licht en de feiten hard. Neen, een beetje TOVTJAP doet er voor de reputatie van de mensheid beter aan zijn weerspannige knar weer terug te stoppen achter het FD, zijn energie te sparen en koffie te slurpen tot borreltijd.
Maar is het niet fijn het bed te delen met een man die het beste maakt van jullie ochtenden samen, omdat hij weet dat iedere erectie zijn laatste kan zijn? Die iedere minuut met jou koestert alsof je zijn dochter was? Die, met heel het hart dat hij van de dokter heeft gekregen, van je houdt, het apparaat nog niet bezwaard met ex-vrouwenleed of alimentatiestress? Heerlijk toch?
Mijn punt: ik stel nu de TOVTJAP voor als een roofdier en de dame als het slachtoffer, maar zo simpel zit het natuurlijk niet en zo ongelijkwaardig is het evenmin. Ook vrouwen kunnen geraffineerd en berekenend zijn in dit soort affaires. Voor niets gaat de zon op en dat weet de TOVTJAP maar al te goed. Gemakzucht komt in zijn woordenboek niet voor. En als de date in kwestie haar mooiste beentje niet voor zet, is een vervangster snel gevonden.
Ik hoor u denken, reader dear: waar komt deze lange post, die bijna op frustratie lijkt, vandaan? Zoals het een goed schrijver betaamt heb ik bij u ongetwijfeld de indruk gewekt dat mijn benen niet mooi genoeg waren. Ik kan u geruststellen: ik heb zeer goedgevormde benen, die bovendien nog nooit onder de neus van een TOVTJAP langs zijn geweest. Het beeld wat ik hierboven schets is gebaseerd op vrees en op wat ik van redelijk ver af van de TOVTJAP heb gezien. Want hoewel ik mij nooit heb benaakt in het bijzijn van een T., is mijn type vrouw wel aantrekkelijk voor hen.
Moeiteloos – ik zou hier schaamte aan toe kunnen voegen als ik het gevoel had dat ik iets verkeerd deed – winden wij de TOVTJAP om onze slanke vinger. Wij lachen onze glanzende, grote mond bloot om zijn gedateerde grapjes. Wij doen alsof we de vaderlijk sturende hand op onze onderrug niet opmerken, en merken het dus ook niet als diezelfde hand van vaderlijk naar onbetamelijk glijdt. Wij doen alsof wij vertederd zijn bij zijn stamelende 'want toch wel moeilijk om te zeggen' liefdesverklaring, en troosten hem en vooral onszelf met een generatiekloofverklaring. Wij laten de vurige passie los en omarmen de aandacht en de ongebroken nachten. Wij sluiten onze ogen voor en profil-haar uit oren en neusgaten.
Wij schikken, in de hoop op een plek in het testament en uit valse zekerheid. Daar kan ik nog een hele blog aan wijden, valse zekerheid. Dat zal ik dan maar doen. U kunt het hier lezen.
Ik barstte in lachen uit om zoveel onbeschaamdheid, temeer omdat de man zo afgeragd was dat ik me niet kon voorstellen dat hij echt dacht dat ik in hem geïnteresseerd zou kunnen zijn. Mijn vader merkte op dat hij de man wel wat te oud voor me vond, wat ik met hem eens was, en in vergelijking met de rest van zijn verschijning was zijn leeftijd nog de minste van zijn problemen.
Het was je reinste TOVTJAP, Te Oud voor Vriendje, Te Jong Als Pappa. Hij had zijn droge, grijze haar, dat quasi-jong tot op zijn schouders viel, naar achter gekamd en ik zag schedel schemeren door de bovenkant van die dunner wordende mat. Zijn gezicht was opvallend roodbruin, als in imitatie van de gezonde teint van bergbeklimmers en skileraren. In dit geval vermoedde ik mantanning en mild drankmisbruik. Zijn lichaam – hij was van gemiddelde lengte – bezat al de karikaturale tweedeling van buik en benen die mannen krijgen als ze ouder worden. Eerst de benen, dun als stokjes, gehuld in een te jong gesneden spijkerbroek (slijtplekken, gebleekt, scheuren) en cowboylaarzen. (Het zal eens niet...) Dan het bovenlichaam, waarvan de pectorale delen ofwel uit elkaar wijken, of invallen. Deze man was een wijker, en hij had een klein hardnekkig buikje boven de heupen van een zevenjarige. Hoe ik dat zag? Zijn overhemd stond te ver open. Waarom? Voor de man cleavage natuurlijk.
Je hebt TOVTJAPS en je hebt TOVTJAPS. Sommige TOVTJAPS zijn ook pappa's, en spelen hun kinderen genadeloos uit in de strijd om aandacht. (Hier hebben we het al eens over gehad, mocht u het terug willen lezen.) Vaak is die roep om aandacht 'onschuldig', dat wil zeggen: niet gericht op harde actie van de jongere vrouwelijke partij in kwestie. Vaker is die roep schuldig, doelgericht, intens vilein en temerig als een scheet in gezelschap: als je 'm in vol ornaat ruikt, weet je niet wat je overkomt, maar zit je er al te diep in om er nog iets aan te kunnen doen.
Net zoals je in kroegen eerder wordt aangesproken door mannen die er uit zien alsof ze niets te verliezen hebben behalve hun maagdelijkheid of die etter uit de steenpuist in hun nek, wagen de meeste TOVTJAPS het er gewoon op. Ze zijn niet vreselijk kieskeurig in hun kruistocht: een nieuwsgierig, willig deerntje, al dan niet 'van niveau', is snel gevonden. Want zeg nou zelf: de aandacht van een oudere man waarvan je denkt en vooral hoopt dat hij gedistingeerd is, vleit het ergens nog immer onzekere meisjesbrein. Of je wil of niet, het pappa-eske in zo'n man voelt vertrouwd, als hij een paar van de juiste zinnen zegt. Zinnen waar woorden als 'vertrouwen', 'niveau' 'goede gesprekken' en 'begrip' in voorkomen.
Laat ik de quasi-Freudiaanse analyse laten voor wat hij is. Het 'slachtoffer' van deze sociale bedriegerij ziet de nadenkende blik van de TOVTJAP aan voor slimheid; hij is vooral bijziend. Ze vindt zijn verweerde handen gevoelig en weerbarstig mooi, hij zit in het voorstadium van jicht. Ze vindt zijn lange pauzes in hun gesprekken chic, hij zoekt naar adem en naar woorden die passen bij haar vocabulaire. Zij vindt de groeven in zijn spitting image- gezicht karakteristiek: wat ze vooral uitdrukken is zonschade en slechte verzorging.
Maar er is hoop. Ik schets een beeld van de groezelige TOVTJAP; er zijn ook uberpolished TOVTJAPs. Hout-Brox, maat- en merkoverhemden, lange jassen van soepele merinowol, Clarks en de subtiele geur van Boss Bottled verdrijven de vijftigerslucht van lijf en teveel dure espresso. Deze TOVTJAP stelt zijn materiële welvaart in dienst van zichzelf en zijn date: hij neemt haar mee uit eten en verblindt haar met zoveel diamanten en vakanties in de zon dat ze zijn wat aftandse lijf en grijzende slapen niet meer ziet. Zijn buikje verdwijnt in dure maatpakken en hij heeft met zichzelf de ultieme businessdeal gesloten: zolang de zon schijnt, blijven zijn kleren aan. Zo'n maatschappelijk geslaagde man biedt zekerheid, veiligheid, rustige liefde en comfortabele welvaart. Ook hij wil graag een aantrekkelijke vrouw van niveau (daar issie dan!) aan zijn zijde, om mee te pronken en mee te converseren. Liefst niet té jong: hij zoekt geen trophy-wife, maar een levend, prachtig schilderij om zich aan te laven en eventueel een kind mee te krijgen. Anders dan de groezelTJAP heeft deze man klasse en heilig respect voor mooie, slimme vrouwen. Zijn verleidingskunsten zijn geraffineerd en zijn geduld eindeloos: het zijn strategen met een feilloze planning.
En 's avonds, 's avonds is alles mogelijk. Onder de betovering van kaarslicht, haardvuur en goede wijn kan álles. Zo bezwerend en magisch als de avond echter is, zo nuchter is de morgen: de luchten, de zuchten, de wijn-met-kaas-en-ongepoetste tanden-adem, bewerkt door bacteriën van minstens veertig jaar oud. De schonkige billen, klein en verschrompeld als een oude appel. Het lichaam, de strakgespannen buik en de knieën op trek. Het rochelen in de badkamer, de lange stoelgang. De vergeelde teennagels. De vage zweem van sigaar en de slecht werkende sluitspier die sputtert als de Etna in een aardverschuiving.
Om over de conversatie nog maar te zwijgen. TOVTJAPs zijn geen ochtendmensen, want 's ochtends zijn het licht en de feiten hard. Neen, een beetje TOVTJAP doet er voor de reputatie van de mensheid beter aan zijn weerspannige knar weer terug te stoppen achter het FD, zijn energie te sparen en koffie te slurpen tot borreltijd.
Maar is het niet fijn het bed te delen met een man die het beste maakt van jullie ochtenden samen, omdat hij weet dat iedere erectie zijn laatste kan zijn? Die iedere minuut met jou koestert alsof je zijn dochter was? Die, met heel het hart dat hij van de dokter heeft gekregen, van je houdt, het apparaat nog niet bezwaard met ex-vrouwenleed of alimentatiestress? Heerlijk toch?
Mijn punt: ik stel nu de TOVTJAP voor als een roofdier en de dame als het slachtoffer, maar zo simpel zit het natuurlijk niet en zo ongelijkwaardig is het evenmin. Ook vrouwen kunnen geraffineerd en berekenend zijn in dit soort affaires. Voor niets gaat de zon op en dat weet de TOVTJAP maar al te goed. Gemakzucht komt in zijn woordenboek niet voor. En als de date in kwestie haar mooiste beentje niet voor zet, is een vervangster snel gevonden.
Ik hoor u denken, reader dear: waar komt deze lange post, die bijna op frustratie lijkt, vandaan? Zoals het een goed schrijver betaamt heb ik bij u ongetwijfeld de indruk gewekt dat mijn benen niet mooi genoeg waren. Ik kan u geruststellen: ik heb zeer goedgevormde benen, die bovendien nog nooit onder de neus van een TOVTJAP langs zijn geweest. Het beeld wat ik hierboven schets is gebaseerd op vrees en op wat ik van redelijk ver af van de TOVTJAP heb gezien. Want hoewel ik mij nooit heb benaakt in het bijzijn van een T., is mijn type vrouw wel aantrekkelijk voor hen.
Moeiteloos – ik zou hier schaamte aan toe kunnen voegen als ik het gevoel had dat ik iets verkeerd deed – winden wij de TOVTJAP om onze slanke vinger. Wij lachen onze glanzende, grote mond bloot om zijn gedateerde grapjes. Wij doen alsof we de vaderlijk sturende hand op onze onderrug niet opmerken, en merken het dus ook niet als diezelfde hand van vaderlijk naar onbetamelijk glijdt. Wij doen alsof wij vertederd zijn bij zijn stamelende 'want toch wel moeilijk om te zeggen' liefdesverklaring, en troosten hem en vooral onszelf met een generatiekloofverklaring. Wij laten de vurige passie los en omarmen de aandacht en de ongebroken nachten. Wij sluiten onze ogen voor en profil-haar uit oren en neusgaten.
Wij schikken, in de hoop op een plek in het testament en uit valse zekerheid. Daar kan ik nog een hele blog aan wijden, valse zekerheid. Dat zal ik dan maar doen. U kunt het hier lezen.
Labels:
identiteit,
leefstijl,
liefde,
man,
omgangsvormen,
oordelen,
relaties,
seks,
tovtjap,
verwachtingen
Abonneren op:
Posts (Atom)