Dit is alweer de eerste blog van het nieuwe jaar. En dat terwijl ik in 2015 minder schreef dan ooit. Omdat u alles al van me lijkt te weten, lieve lezer. Omdat ik twijfel of de thematiek van mijn blog na ruim zes jaar niet is uitgeput. Omdat ik u niet wil vermoeien met enkel meer van hetzelfde: gekke mensen, vreemde dates, vrijpostige heren, dames met nare oriëntalistische vragen, met voeten getreden omgangsvormen en andere zaken die zo absurd zijn dat ik er bijna wel over schrijven móét. Omdat ik mij wel eens afvraag in hoeverre mijn relazen bevorderlijk zijn voor mijn (liefdes)leven en de indruk die ik op anderen maak. Ik ben niet de enige blogger op aard’; toch zijn er nog steeds mensen die mij vereenzelvigen met mijn schrijfsels. Misschien omdat ik een vrouw ben (ha!), misschien omdat mijn verhalen waargebeurd zijn. Welke reden er ook aan ten grondslag ligt, ze maakte(n) dat ik afgelopen jaar voorzichtiger ben geweest met het toevertrouwen van mijn belevenissen aan het toetsenbord.
Door de boot genomen was het een goed jaar. In vaagheden en clichés? Een jaar waarin ik mijzelf overwon op vele vlakken. Een jaar waarin ik – wederom! – fantastische mannen tegenkwam. Een jaar waarin tot mijn spijt een aantal gekoesterde vriendschappen hun koude einde vond, en andere zich juist ontwikkelden.
Het was het jaar waarin mijn laatste oma overleed. Het was het jaar waarin het schattigste kind dat ik in tijden gekend heb, geboren werd (en nee, het is niet mijn eigen kind). Het was het jaar waarin ik een deel van mijn naïviteit en van mijn vertrouwen in de mens voorgoed kwijtraakte, maar er een stuk meer ontspannen en gelukkiger uitkwam.
En het jaar waarin ik een hoop mensen van ‘vroeger’ terugzag, zoals mijn geliefde mentrix Y., die zonder het te weten (en zonder overdrijven) krap vijftien jaar geleden mijn leven redde door mij precies dat luisterend oor te bieden dat ik nodig had. Iets waar ik haar nog altijd dankbaar voor ben. Ook zag ik vorige week de man die ik ooit een boek stuurde in de hoop op een gelukkig einde, een einde met hem, welteverstaan. Hij heeft geen rol gehad in mijn huidige geluk, en was zelfs nu niet in staat om, uit beleefdheid, een snipper van de rol te vervullen. Het deed me weinig.
Ik zag Basarov, die nog altijd even knap en innemend is, maar bij wie ik het verpest heb omdat ik hem niet begreep. Ik zag vele TOVTJAPS, die naar me grijnsden alsof hun laatste uur geslagen had en de dood reeds aan hun gele tenen knabbelde. Ik zag de man uit Mock amore en voelde nog minder reuring dan het verlepte schuim van een koude cappuccino. Mijn conclusie: ik ben in de liefde gegroeid.
Komend jaar: wat gaat het brengen? Ik keer terug naar de lieve versie van mijzelf, iets wat ik de afgelopen jaren te weinig gedaan heb. Ik zal minder strak en veroordelend in mijn idealen staan, mijzelf en anderen meer vergeven. Wellicht levert dat nog leuke ontmoetingen op – en erover schrijven blijf ik doen. Komend jaar heb ik gepland als het jaar waarin ik een huis koop, een nieuwe baan krijg en mijn dromen op sportief vlak verder waar ga maken. Dan komt het amoureuze vlak vanzelf.
Laatst maar niet het minst: ik zal een nieuwe blog starten. Los van mijn belevenissen in de persoonlijke sfeer ben ik namelijk nog steeds geaccrediteerd literatuurwetenschapper. Hoewel ik veel van wat ik in dat traject geleerd heb dagelijks in de praktijk breng, valt schrijven daar nog niet onder. Dat gaat veranderen. Ik ben nog aan het bedenken in welke vorm en met welke frequentie ik dit op ga pakken. Als ik zover ben, hoort u het, lieve lezer.
Vijf woorden ter afsluiting: Omdat ik het waard ben.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten