De vraag hoe ik dacht over Zwarte Piet werd mij dit jaar slechts één keer en bewonderenswaardig voorzichtig gesteld door een zeer gewaardeerde collega. Al eerder schreef ik over dit euvel: u kunt het hier teruglezen. Is mijn mening veel veranderd? Evenredig veel als dat we in dit debat zijn opgeschoten.
Eén: ik zag op tv een kleuterjuf, werkzaam op een internationale school. Op de school hanteren ze het traditionele pietenmodel: volledig zwartgeschminkte pieten, die voor een dag hun eigen accent het raam uit mogen gooien en zich een quasi-suri-afri-straattaal-accent aanmeten. Juf beweerde dat de kindjes in haar klas geen problemen hebben met Zetpee, ik parafraseer: 'Hier is het juist iets goeds als je zoveel mogelijk op Zwarte Piet lijkt!'.
Let op de impliciete stelling dat Zwarte Piet voorgenoemde kenmerken bezit. Er is maar één ware Zetpee: hij is volgekleurd, sullig, en de Nederlandse grammatica niet machtig. Oók in dát opzicht mag juf, die onder meer aangesteld is om kindjes correct Nederlands te leren, zich achter de oren krabben. Maar dat is iets tussen haar en haar prestatiebonus.
Het tweede dat mij opviel: ik heb dit jaar geen enkele politicus een standpunt horen verkondigen over Zwarte Piet. U kent me langer dan vandaag. Ik vind dat dit debat, van beide kanten, gaat over empathie. Inlevingsvermogen tonen en er naar handelen. In het kort: ik vind 'Zwarte Piet is mijn religie' net zo ernstig eenzijdig als 'Je bent een smerige racist als je van Zwarte Piet houdt'. Beide ideeën zijn weinig empathisch en laten geen ruimte voor een andere lezing.
Veel mensen van allerlei kleuren spannen zich er voor in om in hun dagelijkse bezigheden niet discriminatoir over te komen – juist omdat wij in Nederland veelal worden opgevoed met de respect-voor-een-ander-regel. In de dertig jaar die we verder zijn sinds mijn ouders hun stempel op mijn opvoeding drukten, is er in de samenleving het een en ander veranderd – meer en sneller dan waar deze regels mij op voor hadden kunnen bereiden. Het gevoel leeft dat wij als native Hollanders bijvoorbeeld minder van dat ingehamerde respect voor elkaars gebruiken en cultuur terugkrijgen dan we geven. Sommige mensen ervaren dat als bedreigend.
Worden we bovendien voor racist uitgemaakt voor iets dat voor velen van ons decennialang gold als 'het echte, Hollandse gevoel' - wellicht als een van de laatste écht Hollandse tradities - dan komt dat heel hard aan. Wij hebben ZP nooit eerder in dit onflatteuze licht hoeven zien. Wij zijn daarom ook niet meteen overtuigd van wat ons nu wordt verteld. Wij hebben geleerd dat racisme iets heel ergs is, dat je wreed, moreel verwerpelijk en asociaal bent als je dat een ander aandoet. Een racist genoemd worden is voor veel mensen een zware, serieuze aantijging en doet heel, heeuul veel pijn. Hoeveel pijn? Precies zoveel pijn als Zwarte Piet in z'n huidige vorm sommige anderen berokkent. Maar dát kunnen wij ons, gek genoeg, dus niét voorstellen.
Hierbij introduceer ik de term: niet-overdrachtelijk inlevingsvermogen. Wat houdt dit in? Weten wat een ander doormaakt, je emotioneel betrokken kunnen voelen bij zo'n feit, je er misschien wel over kunnen opwinden... om vervolgens je eigen handelen er van los te koppelen en het leed, dat je ziet gebeuren, niet op jezelf of je handelen te betrekken. Ik vind dat iets wonderlijks.
Terug naar mijn punt: de politiek. Waarom hebben we zóveel zaken die 'iets voor een ander overhebben' behartigen bij wet geregeld, maar vindt de politiek Zwarte Piet zo'n heet hangijzer?
Erfrecht, betaald zwangerschapsverlof, genderneutrale WC's, arbeidsrecht, bijstand. Al deze zaken draaien om 'iets voor een ander over hebben', en ze zijn allemaal bij wet geregeld. Wij vinden dat met z'n allen heel normaal: een beetje inleveren, een beetje opschuiven ten behoeve van het grotere goed, zodat we ons allemaal senang blijven voelen.
Is het écht eerlijk dat een hardwerkend bewust kinderloos stel dat nooit ziek is moet meebetalen aan de gage van een negentienjarige uitkeringstrekker of de IVF-behandelingen van de buren? Nee.
Toch doen we het, omdat het ons niet teveel kost, omdat we ons de last en het onvrijwillige karakter van werkloosheid of de vreugde van het hebben van een biologisch eigen kind kunnen voorstellen. Omdat we begrijpen dat dit een van de manieren is waar we onze samenleving werkbaar en gezellig mee houden. Gezellig, om maar eens van een echt Hollandse traditie te spreken.
Niemand kiest er voor om arbeidsongeschikt te worden. Niemand kiest ervoor om verminderd vruchtbaar te zijn en een kinderwens te koesteren. We begrijpen dit. We erkennen dit. We hebben er als samenleving iets voor ingericht. Het is bewezen: wij kunnen dit.
Waarom kan dat dan niet óók voor de grote groep witte en niet-witte mensen die zich ergert aan de manier waarop Zwarte Piet in z'n huidige vorm wordt geportretteerd?
Van achterlijke blackface naar accentloze, coherent bewegende roetveegpieten zie ik niet als een te grote stap: we moeten elkaar hierin tegemoet kunnen komen. Overdrachtelijk inlevingsvermogen, zoals het hoort.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten