donderdag 27 januari 2011

Tang

Weerloos in de tandartsstoel ging me, tussen het boren en het afzuigen door, ineens een licht op. Mijn tandarts, een man van een jaar of vijfendertig met mooie schoenen, een rustgevend accent en een volle bos donker haar, was in mijn mond bezig te redden wat er te redden viel. Hij boorde, hakte, bikte, vulde en trok er flink op los. Gelukkig had hij me wel eerst verdoofd, dus ik voelde alleen het kraken van mijn tandwortels, en daarom had ik alle tijd om eens na te denken. Ik keek eerst naar de tv die boven mijn hoofd hing, maar toen ze bij Discovery's How it's made over het maken van stifttanden begonnen – oh, lot! – was de lol daar snel af. En ik was op mijzelf aangewezen.
Ik heb vijf jaar een beugel gehad, mijn tanden staan recht en ik ben een neurotische poetser (ja, dat dan weer wel!) maar achter die witte straalglimlach ging een hoop verrotting schuil. Omdat mijn rotte kiezen geen pijn deden, was de prikkel om er iets aan te doen niet zo groot. Natuurlijk wist ik wel dat ik de tandarts weer eens moest gaan bezoeken, maar zoals dat soms gaat, stelde ik het uit tot in de oneindigheid.
Tot afgelopen donderdag. Ik at een boterham met speculoos en merkte dat er iets hards meekwam. Het was een stuk van mijn tand, geen schilfer, nee, ik zag een stukje wit en een stukje paars (merg?) en het voelde alsof er ongeveer een kwart van mijn tand af was. Onontkenbaar moest ik hier wel snel wat aan laten doen. Ik zocht online een tandartspraktijk bij mij in de buurt, en schreef me in. (Ook hier was de vraag 'wanneer was uw laatste tandartsbezoek' onvermijdelijk...)

Vanmorgen was het dan zo ver. Na een zorgvuldig gekozen ontbijt (wél een ontbijt, maar geen ei, roquefort of pindakaas) trapte ik op mijn fiets naar de tandartspraktijk. Ik lijd niet echt aan tandartsangst, was het maar waar. Dan had ik namelijk nog een reden gehad voor mijn langdurige controleverzuim. Ik heb alleen maar tandartsschroom, veroorzaakt door mijn eigen nalatigheid, en, zo weet ik nu, de wat orthodoxe praktijken van mijn vorige tandarts. Maar het alternatief zou zijn dat ik niet ging, mijn tanden nog verder verrotten en ik op een gegeven moment alleen nog maar blanke vla zou kunnen eten. Om over de rest van de gezondheidsrisico's maar te zwijgen: slechte adem, verminderde weerstand, nooit meer glimlachen. Je kunt er zelfs hartproblemen en aderverkalking van krijgen. Dat is toch ironisch: je ogen sluiten voor tandencontrole kan ervoor zorgen dat je ze op den duur voorgoed sluit...
Ik was blij dat hij me geen standje gaf. Ik ben een volwassen vrouw, maar verwachtte het ergens toch. Mijn vorige tandarts was er een van den ouden stempel. Hij runde de praktijk met zijn vrouw, de assistente. Ik mocht altijd in haar hand knijpen als het pijn deed. En hoewel hij best goed was, liet hij zich niet door decorum weerhouden als mijn gedrag hem niet zinde. Hij was ook erg zuinig met verdoven: de enige keer dat ik verdoofd werd, was toen mijn kiezen getrokken werden ten behoeve van mijn beugel.
Hoe anders was deze nieuwe arts! Ik schrok van de gigantische spuit die hij gebruikte, maar dat ding bespaarde me een hoop sores. Gretig stak hij zeven centimeter naald in mijn gehemelte en binnen twee minuten was de helft van mijn gezicht onder zeil. Heerlijk.
(Ter vergelijking: bij mijn oude tandarts werd er in de tijd die het kostte om de verdoving in te laten werken twee mensen geholpen.)
Ik voelde dus geen pijn, al waren mijn tanden af en toe wat gevoelig. Hoewel dat in het niet viel bij de pijn die ik bij vorige behandelingen had ervaren, tastte ik uit automatisme naar de hand van de assistente. Die keek echter geïntrigeerd naar How it's made op de momenten dat ze niet hoefde te stofzuigen. Dat zou nog van pas komen als ze zelf ooit tandarts werd.
Mijn tandarts vroeg om wortelhevels en vlaghevels en werkte zich een slag in de rondte: ik zag de vastberadenheid in zijn groene ogen. De tand in mijn onderkaak wilde niet los en hij moest 'm splitsen voor hij 'm eruit kon trekken. Natuurlijk bloedde ik als een rund, maar dat is niet altijd erg: ik schrok er dan ook niet echt van. Net op het moment dat hij zijn bebloede handschoenen boven mijn mond hield, liep er een meisje van een jaar of zeven voorbij. Ik hoorde haar door de gang aankomen en de deur werd snel dichtgedaan. De tand wilde niet van wijken weten en op een gegeven moment moest m'n tandarts zoveel kracht op de ene kant van mijn kaak zetten dat ik vreesde dat hij er aan de andere kant uit zou schieten. Plotseling was ik blij dat ik een man als tandarts had.
Na een goed kwartier trekken was de klus dan toch geklaard. Ik mocht de tand mee naar huis nemen en zag dat er tussen de wortel en de tand nog allemaal tand zat (tandsteen? teveel yoghurt gegeten?) die maakte dat in plaats van een gladde overgang tussen tand en wortel de tand een soort van tutu aanhad. Misschien was dat wel het deel dat zoveel weerstand bood. Het was in ieder geval een flinke jaap van zo'n twee centimeter lang. En rot.
Ik was blij en opgelucht dat ik een eind had gemaakt aan de tandartsimpasse die zo lang had geduurd. Wat ik heb geleerd: ik hoef niet weg te lopen voor mijn problemen, want 1) de oplossing is vaak nabij en simpel en 2) het alternatief is ze in stand houden, wat tot escalatie leidt. Als ik eerder naar de tandarts was gegaan, had hij misschien niet zoveel hoeven vullen en had ik geen rotte kiezen gehad.
(Hij sprak overigens van het neutrale 'tandbederf' al las ik daar, met mijn schuldig gemoed, een beleefd-eufemistisch verwijt in. Boete is een dankbaar patroon, eh?)
De vraag is echter niet of ik ergens schuldig aan ben, maar hoe ik mijn gedrag kan veranderen en de situatie weer naar mijn hand kan zetten. Ik vergeet soms dat ik volwassen ben en dat los van de verantwoordelijkheid die dat met zich meebrengt, ik dus ook niet meer op een standje hoef te wachten alsof ik een kind was. Sterker nog, het vereist lef om je angsten onder ogen te komen.

Laten we wel wezen, naar de tandarts gaan is geen verdienste, het is onderdeel van je persoonlijke hygiëne. Het is geen prestatie die ik heb geleverd, het is noodzaak. En dat ik er zolang mee heb gewacht, is zonde, zeker gezien de consequenties. Toch had ik ook voor het alternatief kunnen kiezen: blanke vla en verkalkte aderen. En dat heb ik niet gedaan. Nee, ik heb ge-man-upped, zoals het hoort. Dit tandartsbezoek was een minor issue, maar de gedachte er achter is dat zeker niet. Flauw maar waar: het loont om je problemen bij de wortels aan te pakken, ook als die wortels willen blijven zitten. Krakende krachttraining voor hem, bofwangen en opluchting voor mij. Tenslotte is het de bedoeling dat ik mijn issues, groot en klein, in de tang houd. Niet andersom.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten