zondag 18 maart 2012

Tijd (2)

Valse zekerheid. Kuuroord en vluchtheuvel voor veel vrouwen. Omdat ik het belangrijk vind mijn stukje luchtig en vooral non-discrimi te houden, zal ik niet zeggen dat het vaak vrouwen zijn die zich wentelen in valse zekerheden. Niemand heeft namelijk zekerheden, of je nou man, vrouw, jong of oud bent. Maar aangezien ook dat discrimi is, zal ik ook dat niet nog eens zeggen.

Als ik kijk naar mijzelf, om de zaak veilig te houden, had ik nooit gedacht dat ik single, kinderloos of koophuisloos zou zijn op de leeftijd die ik nu heb. En met 'nooit' bedoel ik: toen ik zes was, had ik me mijn toekomst nooit zo voorgesteld. Natuurlijk, toen ik zes was vergde twentysomething zo'n stuk van mijn toen al rijke voorstellingsvermogen dat ik mijn crematie bijkans al gepland had. Mijn voorstelling was simpel: als je achttien bent ben je volwassen. Dan ga je dus werken, heel veel en lang en vaak. Dan heb je opeens een paar kinderen, daar zorg je voor, en dan heb je opeens grijs haar en kraakbotten – ergo: je bent een oma – en dan sterf je. Simpel en duidelijk.

Op mijn zesde waren mijn vriendschappen met jongetjes nog zo ongecompliceerd dat ik me niet eens stoorde aan de gefluisterd geïmpliceerde romance tussen mij en Tim A., met wie ik graag winkeltje speelde. Hij had een echt winkeltje en een hele lieve ma bij wie ik achterop de fiets mocht als ik bij hem ging spelen. Ik mocht mijn benen dan in de fietstassen doen, wat ik heel spannend vond. Ik had een zwak voor hem, als een oprecht, hoffelijk en loyaal vriendje.
Iets anders gold voor Cas G., een jongetje bij wie ik al sinds groep twee in de klas zat. Hij zat regelmatig bij Sesamstraat als voorleeskind en hij had een paars plastic bakje voor zijn Liga. Ik wist zeker dat als ik het gevraagd had, ik zijn bakje had mogen lenen, want Cas met het zilveren haar was een goede jongen. Het was geen kwestie van intrige, amour fou, of zelfs maar de lichtste verliefdheid. Ik had hem gewoon uitgekozen als levenspartner voor later.
Cas was een celebrity. Zijn haar was dik en zilverachtig blond en hij had een heel schattig zusje dat als twee druppels water op hem leek. Zijn ouders waren het enige stel uit mijn klas dat gescheiden was, wat hem sowieso al interessant maakte. En ik vond het heel logisch dat Cas en ik later zouden trouwen, al had ik nooit bij hem gespeeld en was hij eigenlijk meer geïnteresseerd in Jip, met wie ik gelukkig ook heel goed op kon schieten.
Toen ik vorig jaar een bijbaantje had als donateurwerver, zag ik hem weer, voor het eerst in zo'n vijftien jaar. Zijn haar was nog altijd van zilver, hij was net zo lang als zijn vader en zijn stem was vier octaven lager. Ik heb hem maar niet verteld dat ik ooit zeker wist dat wij drie zilverharige kinderen op de wereld zouden zetten.

Want dat was waar ik achter kwam in de jaren tussen groep drie en nu: de zekerheden van toen gelden niet meer en hebben eigenlijk nooit bestaan. Niet in de liefde, en ook niet daarbuiten. Noem het naïef, maar zoals ik altijd dacht dat dingen als het hebben van een relatie, content zijn met jezelf of het hebben van een baan vanzelf gingen, zo koud is de kermis. Ik zou niet durven beweren dat ik dat niet aan kan – integendeel! – maar af en toe verrast het me nog.
Ik dacht altijd dat een goede opleiding hebben 'garantie' gaf op een baan. Ik dacht altijd dat aantrekkelijk zijn een 'garantie' was voor een gelukkige relatie. Ik dacht altijd dat als ik me beleefd en eerlijk opstelde naar de wereld, ik diezelfde houding terug zou krijgen. Ik dacht altijd dat hard werken beloond werd. Ik dacht dat iedereen een eerlijke en oprechte kern had. Ik dacht zoveel...

Natuurlijk, veel van die aannames zijn kinderlijk en daarom is het nuttig geweest om op te groeien. Ik vraag me af – en niet voor het eerst – of ik inderdaad teveel jeugdromans heb gelezen, die me hebben laten geloven in een allesomvattend happy end, in vrijwel alle situaties.
Kan je jeugd te onbezonnen zijn? Ik was wel eens ongelukkig en tussen mijn twaalfde en mijn twintigste zelfs achteraf zelfverklaard depressief. Maar dat kwam mede omdat veel van wat ik altijd juist gedacht had, haaks stond op wat ik meemaakte en zag. En ik er niet genoeg ervaring mee had om er goed mee om te kunnen gaan.

Wat heeft deze persoonlijke mijmering over kommer en kwel van voorbije tijden te maken met valse zekerheden? Welnu! Laten we het over de liefde hebben.
Een van de wat meer vrouwelijke valse zekerheden is het idee dat slimme mannen lelijker mogen zijn. Of beter gezegd: dat knappe mannen dom zijn. Ofwel: dat je zou moeten kiezen tussen uiterlijk en innerlijk. Een aanname in dezelfde straat is dat als je je afgeeft met een TOVTJAP (Te Oud voor Vriendje, Te Jong Als Pappa) dat dan automatisch een polished-TJAP is. Die jou status verleent, of wijsheid, of materiële welvaart. Iets waarvan je denkt dat je het bij een jonger persoon niet kunt krijgen. Ofwel: iets waarvan je vindt dat een oudere man het zou moeten bezitten, omdat hij ouder is.
Fout gedacht. Ook de TOVTJAP kan scrawny en blut zijn, en ook van de TOVTJAP kun je weer scheiden. Er is geen garantie op een happy ending, nergens, nooit.

Aansluitend kun je de vraag over mister right versus mister right now dus ook beantwoorden met hetzelfde antwoord: wie je ook kiest, zicht op de toekomst heb je niet. Ook mister right now kan over een maand, een jaar of zeven jaar niet meer mister right zijn, of het juist wél worden. Hetzelfde geldt voor downdaten en alleenblijfangst: de bouwvakker die met de academica date, staat niet om die reden bij haar in het krijt. Dat wil overigens evenmin zeggen dat het niet goed zou hoeven gaan. Maar kiezen voor een compensatiepartner ('hij is zeventig, maar rijk/ hij is lelijk, maar aardig/hij slaat mij, maar is een goede vader') terwijl je rekent op de compensatie gaat vaak mis.

Ik zal het uitleggen. Stel, je kiest ervoor om een gezin op te bouwen met iemand die jij niet heel knap vindt, maar die wel heel lief is. (ja hoor, de boot is al vertrokken!) Dat wist je al vanaf het moment dat je hem zag, want iemand die lelijk is, is vast lief. Dat moet bijna wel. Na twee kinderen, wat reisjes, een grote hypotheek en een paar bovengemiddelde en een paar magere jaren kom je er achter dat hij je bedriegt met een stoot van een collega.
Je scheldt hem uit: ondankbare hond! Naast dat hij namelijk lelijk is – en ik gebruik deze term in al haar relativiteit, want per slot van rekening gaat het in een relatie om meer dan uiterlijk, bla, bla, bla – is hij ook nog eens niet lief! Je voelt je verraden, want hij heeft zich niet aan zijn deel van de afspraak gehouden, de afspraak waar hij geen weet van had maar die jij desondanks met hem gemaakt hebt. Je dacht dat 'de macht' bij jou lag, maar niets is minder waar. Als hoorns melkbekers waren, kreeg jij zes paar om te stapelen.

Kortom: als je (denkt dat je) downdate – in beide opzichten – en je dat doet om je een beter gevoel over jezelf te krijgen, denk dan nog een rondje. Arrogantie bijt in beide billen. Het idee dat de relatie zal slagen omdat jij jezelf het beste vind wat hem is overkomen en je denkt dat je daarom 'veilig' bent, is een waanidee. Valse zekerheid, en vooral: valse offers.
En zo komen we vanzelf bij de TOVTJAP, want ook dat is vaak een downdate, al zie je het niet zo. Je denkt dat je je beste jaren opoffert voor comfort en onvoorwaardelijke liefde; niets is minder waar. Het sociale stigma dat op het hebben van een man die dertig jaar ouder is ligt, is nog altijd groot. Je bijt door de zure appel heen, in de hoop op uitdaging en genoegdoening. Niets hiervan is je deel, méér dan dat het zou kunnen zijn bij een man van je eigen leeftijd. Je hoeft je niet te schikken, althans niet in de voorwaardelijke hoop op wat dan ook, want de belofte is eenzijdig.

Wat is nou de moraal van dit verhaal? Hoewel de mindset van een zesjarige niet altijd even vruchtbaar blijkt, kun je haar in de liefde net zo goed toepassen, want ze zal niet per se minder of meer opleveren dan de valse-offer-mindset of de richt-hoger-mindset. Met andere woorden: er is geen moraal, noch een lijn of een advies, en vooral: geen p(e)i(j)l. Date down, date up, doe het eens met een TOVTJAP, trouw met een winkelier. Als het idee van zekerheid je zelfvertrouwen geeft, is het een zeepbel die je kunt bewonderen in ijle lucht. Ach, heerlijke quasi-poezie. Goed genoeg voor een zesjarige. Wie wil het verhaaltje uitblazen?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten