Een verhaal uit de kroeg, reader-dear, voor deze troosteloze zondagmiddag. Luisterend naar de Kings of Leon ruim ik de resten van mijn weekend op. Een aantal uur hiervoor stond ik in een plaatselijke kroeg water en cola te drinken nadat de welwillende barman in kroeg één me drie vreselijk sterke mojito's had toegeschoven. Ik had een logee die jonger was dan ik en voelde me ondanks haar meerderjarigheid toch verantwoordelijk, dus een kleine alcoholpauze leek me verantwoord.
Met Koninginnenacht was ik uit met dezelfde dame en toen hadden we in één kroeg zoveel pret dat we niet verder hoefden te kijken. Zo vlot verliep het gisteren niet. Lompe kerels, vertrapte tenen en lallende apen maakten dat we ons gerief ergens anders zochten. Om u een idee te geven; één jongen vond het nodig om mijn metgezel, slank en in de twintig, zonder gene te vergelijken met Michelle Obama. Vanaf toen was de toon wel gezet.
In kroeg nummer twee was het zo vreselijk druk dat we besloten niet naar binnen te gaan. In de tijd dat ik met een oude bekende aan het kletsen was, vroeg een leuke jongen advies aan mijn vriendin. Kroeg nummer drie zag er veelbelovender uit. De belichting en de locatie leken op een schoolfeest in de aula, maar er was ademruimte, de mannen leken hoffelijker en ze roken beter. De leuke jongen van kroeg twee kwam ook binnen en raakte opnieuw aan de praat met mijn vriendin. Mijn blik kruiste die van een lange jongen met een staartje. Onze blikken bleven elkaar kruisen, maar hij zocht geen toenadering.
Ondertussen kletste ik wat met andere mannen. Af en toe toe kwam Staartje langsgestiefeld. Ik weet niet wat de reden was dat hij me niet aansprak – het leek erop dat hij dat wel wilde – maar zelfs als ik (bewust!) alleen was, kwam het er niet van. Ik verloor hem tenslotte uit het oog.
Moe van wat ik interpreteerde als een gebrek aan wil van alle mannen die ik die avond had gezien, ging ik uiteindelijk maar naar buiten om te wachten op mijn vriendinnetje. Toen ik even stond te wachten, kwam Staartje tot mijn verbazing langs de deur. Opnieuw kreeg ik van hem een broeierige blik. Omdat ik weg ging, besloot ik hem toch maar aan te spreken, tegen mijn nurture in (ja, u leest het goed, Patty boekt progressie!) Hij vroeg me mee naar binnen: 'Laten we dansen!' We dansten niet, we kletsten. Hij dacht dat ik Marokkaans was, wat ik erg grappig vond. Na een paar minuten moest ik me verontschuldigen – mijn vriendinnetje stond te wachten, zoals we hadden afgesproken. 'Het spijt me, ik moet nu weg. Ik heb hier de hele avond gestaan... aan mij heeft het niet gelegen!'
Nu ik er over nadenk kwam dat misschien wat verwijtend over, maar ik bedoelde het als verontschuldiging, niet als verwijt. Of misschien een klein beetje dan – ik begreep het niet, en mannen zonder initiatief vind ik bovendien zeer ergerniswekkend, helemaal als ze leuk zijn en mij ook interessant lijken te vinden. De simpele verklaring hiervoor is deze: als je te verlegen bent om me aan te spreken, hoe zouden we dan ooit met elkaar in contact moeten komen?! Ergerlijk...
Was het echter maar zo simpel,want dat is het dus niet altijd. En aangezien ik mij aangetrokken voelde tot Staartje, was ik wat coulanter in mijn oordeel en sprak hem aan. Echte mannen bellen, echte mannen bieden me een drankje aan, echte mannen benaderen mij, benaderen mij, want ze weten dat ik hun hoofd er niet af zal bijten en zijn daar bovendien niet bang voor. Maar dit was Staartje, Echte Man En Hoe! Maar Misschien Niet Op Dat Vlak. Blijkbaar was het beantwoorden van zijn smeulende blikken niet genoeg. Mocht hij twijfelen aan mijn interesse in hem, dan had ik de twijfel hiermee weggenomen, dacht ik zo.
Hij greep de aankondiging van mijn op handen zijnde vertrek niet aan om mijn nummer te vragen, wat me verbaasde, en, lieve lezer, mijn ego een tikje krenkte. Ik kom normaliter nóóit in die kroeg en voor sommige dingen krijg je maar één kans. Ik was een en al sterrenoog, zachtglanzende welwillendheid en karamelkleurig begrip en had niet voor niets teruggelonkt. Ik vond dat ik hem al een reusachtige voorzet had gegeven door hem aan te spreken en vreesde hem en mijzelf te schofferen als ik hem mijn nummer aan zou bieden. I'm a pretty girl and I don't wanna... Mijn karamel begrip is toffeezoet maar niet oneindig elastisch.
Wat voor reden hij ook mag hebben gehad, het heeft geen zin te speculeren. Toch is dat fijn. Misschien heeft 'ie een vriendin, vond 'ie me niet Marokkaans genoeg, is hij echt te verlegen of wil hij me gewoon niet nog een keer zien. Het kan allemaal en de helft van die verklaringen maken dat ik vrede krijg met iets wat niet is gelopen zoals ik graag gewild had, maar waar ik geen invloed op kan of moet willen uitoefenen. Ik verlies me niet graag in kinderachtige details, maar dit zijn voor mij de basics in interseksueel contact. Als je als man mijn nummer niet vraagt, wil je niet graag genoeg. En hoewel ik die beslissing respecteer, zou het minder jammer zijn als ik de reden er achter wist.
De herinnering mag op de brandstapel, want als ik hem nog een keer zou zien, is er plek nodig voor nieuwe – gesteld dat hij mijn nummer dan wel zou vragen. Anders blijft hij gewoon de man die mijn avond opleukte. Hopelijk krijgt deze escapade echter nog een Staartje.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten