dinsdag 31 augustus 2010

Stuifmeel

Waarom zeggen mensen hatsjie als ze niezen? Omdat ze niet meer terug kunnen naar het punt waarop ze niet wisten dat een nies zo moest klinken. Baby's niezen zoals ze willen niezen, daar komt geen hatsjie aan te pas. Ik hoor ook regelmatig niezen die worden ingeleid met de ha en dan komt de nies: tsjie!! Zoals het voor sommige mensen gemeengoed is geworden om te pas en te onpas sorry te zeggen (vooral vrouwen hebben daar een handje van, gatverdamme!) zonder er bij na te denken dat de verontschuldigende kracht van dit woord heus niet verloren gaat als je het heel vaak zegt. Zich verontschuldigend ook als er niets te spijten valt (waarmee ik verontschuldiging en spijt even op één lijn zet) sorriën zij zich door het leven. Als er iemand tegen hen aanbotst, zeggen zij sorry. Als ze iets niet weten: sorry. Als ze iets willen vragen, begint die vraag met: 'Sorry, weet jij...' en als ze ergens hun mening over geven zwakken ze die van tevoren af met: 'Ja, sorry hoor! Ik vind...'
De enige die niet zo goed in dit rijtje thuishoort is de 'Sorry, weet jij....?' Een verbasterd anglicisme, en daarmee eerder een beleefdheidsfrase dan een verontschuldiging. Per slot van rekening val je iemand misschien wel lastig met je vragen over het dichtstbijzijnde treinstation. En in deze tijden van zinloos geweld (want zinvol geweld bestáát!) kan het lonen, je bij voorbaat te verontschuldigen.
Lieve lezer, ik hoor u denken: wat heeft niezen met oververontschuldigen te maken? Simpel: je door het leven verontschuldigen is voor sommige mensen net zo'n gewoonte geworden als hatsjieën als ze moeten niezen. De sorryconnotatie heeft voor hen natuurlijk allang aan kracht ingeboet, wat haar in mijn opinie alleen nog maar versterkt. Hoe vreselijk moet het zijn, je voor alles wat je doet, zegt, denkt en bent, voortdurend te verontschuldigen – en dan nog onbewust ook! Hetzelfde geldt voor het woord maar en het woord gewoon die heel vervelend gebruikt kunnen worden. De sorriër die een punt (niet) wil maken, zal starten met: 'Ja, sorry, maar ik vind dus dat het gewoon moet kunnen...' (Let ook op de puntjes in plaats van een punt aan het einde van deze zin.)
De kracht van gewoon, gebruikt op die manier, ligt in zijn sluipdenigratie. Zonder het te weten, zonder het misschien te willen, is het woord gewoon meer bagatelliserend dan het woord maar verdedigend is. Ik ben geen taalkundige, en heb zeker oog voor de afwisselend stop/vulwoord-, verontschuldigings-, en tegenwerpingsfunctie die maar en gewoon kunnen hebben. Het zou ongenuanceerd zijn, krampachtig vast te houden aan een ooit-vastgestelde definitie van een woord en vervolgens mensen te veroordelen die met hun tijd meegaan. Spreektaal is aan minder regels gebonden, arbitrair en dus aan verandering onderhevig: niettemin dient het Groene Boekje als basis voor schrijf-en spreektaal. En – nu komt het – hoe kun je het met iets eens zijn en er vervolgens talig een tegenwerping ingooien? Ik ben het met je eens, maar het is wel zo dat...´
Muggenzifterij? Welnee. Ik pleit gewoon voor zorgvuldig taalgebruik. Taal is al genoeg vervuild met loze leenwoorden en uitdrukkingen (´toen had ik toch zoiets van ja´) en ik ben niet de eerste die dat opvalt. Vanuit bepaalde feministische kringen wordt gezegd dat het bestaan van vrouwen zoveel mogelijk moeten worden ontkend: ze mogen zich niet laten horen, zien, ruiken of gelden. ´Nette´ meisjes zijn inderdaad niet te aanwezig, hebben geen heftige mening, ruiken immer naar lavendel of vanille en zijn geduldig op het lethargische af. De vrouw die zich te weinig zo gedraagt, is een kenau, een manwijf, een pot of, erger nog, een ´stoer wijf/vrouw met ballen´ (gruwel!!) wat een zielige poging is om het traditioneel-stereotype vrouwbeeld te verenigen met het minstens net zo intrinsiek foutieve idee dat ´mannelijkheid´ en ´vrouwelijkheid´ in één persoon elkaar niet uitsluiten. Nogmaals: gatverdamme. De reden dat meer dan de helft van de sorriësten vrouw is, kun je hierin terugvinden.
Ik denk te zien dat een deel van dit talige probleem in sekse ligt, en ik ben niet eens een feminist. Ik ben niet tegen rolpatronen, en ik pleit voor gelijkheid tussen man en vrouw, op ieder vlak behalve het biologische. Tegelijkertijd doe ik moeite om een net meisje te zijn omdat ik onder meer zo ben opgevoed – en dat brengt, spijtig genoeg, bepaalde sociaal geaccepteerde ongelijkwaardigheden met zich mee. Tel daar nog bij op dat ik professioneel getraind ben in deconstructie (en verliefd ben geweest op Frantz Fanon en Michel Foucault) en u kunt zich mijn punt moeiteloos voorstellen. Het leven van een net meisje gaat niet altijd over rozen. Maar me excuseren voor mijn wezen, dat weiger ik gewoon te doen. Ik ben geen sorriëst en zal dat ook nooit worden. Voor valse verontschuldiging ben ik hoegenaamd allergisch. Hatsjie.

3 opmerkingen:

  1. Las ooit een stuk van Guus Kuijer over 'ontwapening', over hoe kinderen (daar ging het stuk over, máar vul gerust 'nette meisjes' in) zich beroepen op hun kwetsbaarheid om niet gekwetst te worden, het hoe-kun-je-me-gaan-slaan-als-ik-hier-zo-lieflijk-angstig-met-betraande-wimpertjes-zit-te-knipperen-idee (niet dat dat iedereen weerhoudt natuurlijk). 'Sorry' is ook zo'n verdedigingsmechanisme uit zwakheid: 'als ik alvast sorry zeg kun je onmogelijk boos op me worden, ik heb me toch al aan je voeten geworpen?' Maar is het dan verwerpelijker - en vanuit welk oogpunt - het onbewust te doen of het bewust in te zetten? Soms is elk wapen geoorloofd, en dan moeten anderen maar weer proberen je te ontwapenen.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ik denk dat ik het onbewuste verwerpelijker vind, op dit moment. Punt is dat het 'bewuste' impliceert (expliceert zelfs, ha!)dat je je ervan bewust ben (ei, ei!) dat je het doet, en dat je daarmee de onbewuste, geïndoctrineerde gebruikster een stap voor bent. De onbewuste sorriester weet niet beter en bevestigt iedere keer dat ze voorbarig 'sorry' zegt haar onderdanige positie zonder dat ze dat weet. Je hebt gelijk als je stelt dat dat strategie kan zijn, maar tegelijkertijd blijft het vernedering. Als je niet beter weet, wat is dan precies de strategie? Inderdaad, mijn nog te concipiëren kind mag me nog zo aankijken met ogen die ongetwijfeld mooi zullen zijn en langgewimperd als t meezit, maar die straf zal hij/zij niet ontlopen. Dat betekent dubbel pech: het is een typisch geval van het brengen van een vals offer. Ik hoop maar op een jongen, die schijnen daar minder last van te hebben.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. 'Je hebt gelijk als je stelt dat dat strategie kan zijn, EN tegelijkertijd blijft het vernedering.'
    Mea culpa...

    BeantwoordenVerwijderen